Fietsen met de hond is een goede manier om conditie op te bouwen en zorgt voor een goede spierontwikkeling. De rechtlijnige beweging naast de fiets zorgt voor een gelijkmatige belasting van de gewrichten. Bij fietsen is het belangrijk dat je een goed tempo aanhoudt en de training op de juiste manier opbouwt.

Honden vanaf zeven tot negen maanden kunnen in principe al korte stukjes rustig (!) naast de fiets meelopen, mits ze in goede conditie, goed gebouwd, al volgroeid en niet te dik zijn. In het algemeen is het verstandig om te wachten met fietsen tot de hond twaalf maanden (grotere rassen anderhalf jaar) is, tenzij de dierenarts anders voorschrijft.

Mag en kan het?

We raden je aan om bij twijfel altijd eerst je dierenarts te raadplegen. Meelopen naast de fiets is voor honden een mooie, regelmatige en rechtlijnige beweging. Je dient het fietsen wel goed op te bouwen en onderschat vooral niet het gevaar van oververhitting. Voor sommige kortsnuitige honden en mini-rassen kan het lopen naast de fiets té inspannend zijn.

Zo begin je

Je begint met de hond te wennen aan de fiets. Laat hem eerst kennismaken met een stilstaande fiets. Daarna ga je een klein stukje lopen met de fiets aan je linkerkant en de aangelijnde hond aan je rechterkant. Je loopt dan tussen de hond en de fiets in. Gaat dit goed en loopt de hond rustig en zonder te trekken mee? Dan kun je zowel de hond als de fiets aan je rechterhand meenemen. Houd hierbij de fiets tussen je en de hond in. Gaat ook dit goed? Dan kun je proberen een klein stukje (ongeveer honderd meter) te fietsen. Begin met opstappen op een rustige weg en oefen eerst rechte lijnen en vervolgens bochten. De hond blijft hierbij zonder te trekken rechts naast de fiets lopen. Niet ervoor en ook niet erachter, dit in het belang van de veiligheid van zowel jou als je hond. Vijf minuten fietsen is in het begin meer dan genoeg.

Eerst lopen, dan pas fietsen!

Tempo

Het gemiddelde looptempo van de hond naast de fiets is 10 tot 15 kilometer per uur. Dit kan afhankelijk van de hond ook iets langzamer of sneller zijn. De hond hoort in een gelijkmatige draf naast de fiets te lopen. Hij mag niet in galop overgaan! Dat is echt zijn hoogste versnelling en een teken dat hij op de top van zijn kunnen loopt. Galopperen is erg belastend voor het schoudergewricht en de andere gewrichten van de voorpoten. Draven versterkt de spieren van de achterhand en dat is voor veel honden erg belangrijk. Draf is een symmetrische gang, waarin je de meeste onregelmatigheden in het gangwerk kunt opmerken. In galop kan een hond meer mankementen compenseren. Als een hond veel galoppeert of snel in galop overgaat, kan dat er op wijzen dat er lichamelijk iets aan de hand is.

Fietstips

  • Zorg dat de hond zijn behoeften heeft gedaan voordat je gaat fietsen.
  • Zorg voor een goede warming-up en cooling-down: laat de hond voor het fietsen eerst rustig inlopen en erna rustig uitstappen.
  • Fiets niet met een hond die net heeft gegeten, wacht na een maaltijd minimaal drie uur.
  • Geef je hond na het fietsen niet meteen eten, wacht minimaal een halfuur.
  • Laat de hond niet direct naast de weg lopen. Tussen de berm en bestrating in liggen vaak glasscherven en scherpe steentjes waaraan hij zijn voetzolen kan bezeren.
  • Controleer bij thuiskomst altijd de voetzolen van je hond op beschadigingen. Stop onmiddellijk met fietsen als de zooltjes beschadigd blijken of als je hond mank gaat lopen.
  • Gebruik voor de veiligheid van zowel jezelf als je hond een bevestigingssysteem als de Springer. Dit is een speciale stang die je aan de fiets kunt bevestigen met daaraan een koord waaraan de hond loopt. Een vering tussen de stang en het koord zorgt er voor dat de hond je niet zomaar met fiets en al omver kan trekken, bovendien kun je op deze manier beide handen aan het stuur houden.
  • Laat de hond tijdens inspanning kleine slokjes water drinken. Bied na het fietsen vers lauw water aan, maar niet te veel ineens.
  • Fiets niet met warm weer, een temperatuur van 18-20 graden Celsius kan al te warm zijn!
  • Fiets in de zomer liever in de vroege ochtend, omdat het asfalt dan koeler is. In de avond kan het asfalt nog (te) warm zijn. Checken hoe warm het wegdek is? Houd er een poosje je blote handen tegen of ga er zelf eens met blote voeten op staan.
  • Spoel in de wintermaanden, als er gestrooid is, de voetzolen van je hond bij thuiskomst af met lauw water. Je kunt voor het fietsen de voetzolen eventueel behandelen met een beschermende spray.

Lekker moe?

Vaak zijn wij pas tevreden als de hond met de tong op zijn benen terugkomt van een wandel- of fietstocht en dan meteen als een blok in slaap valt. Maar wat wij als ‘lekker moe’ bestempelen, kan voor de hond uitgeput zijn betekenen. Sommige mensen fietsen veel om de hond zijn energie kwijt te laten raken, maar wat je dan in feite doet, is juist (nog) meer uithoudingsvermogen opbouwen. Wist je dat een hond ook veel voldoening vindt in én moe wordt van rustige speur- en denkspelletjes?

Steppen

In plaats van fietsen kun je ook steppen met je hond. Dat is niet alleen voor je viervoeter, maar ook voor jou een goede workout! Step in het begin kleine stukjes, bijvoorbeeld twee kilometer bij een lage snelheid, en voer tijd en snelheid langzaam op. In de beginfase, waarin de hond nog conditie moet opbouwen, step je niet iedere dag, maar om de dag. Step maximaal drie dagen per week en bouw voldoende rustdagen in. Veel succes en plezier!

Bonny van het CareTeam

Zoek je leuke sport- en speltips? Het CareTeam helpt je graag met gratis advies!