Trainen met je hond saai? Welnee! Creatief trainer Judith Lissenberg en haar hond Pete geven je handige tips hoe je trainen met je hond leuk maakt. En lekker! Volg de twaalf tips voor een top hondentraining! 

Tip 1: Zorg voor een goed humeur.

Zonder goed humeur kun je niet trainen! Voel je jezelf niet helemaal lekker omdat je verdrietig bent of hoofdpijn hebt? Sla de hondentraining dan gewoon een keer over, zodat je niet vanuit boosheid, frustratie of pijn naar je hond gaat reageren.

Tip 2: Zorg voor een plan.

Wat wil je jouw hond precies leren? Als je wilt dat je hond iets niet (meer) doet, bedenk dan wat je in plaats daarvan wél graag wilt. Dat ga je dan trainen.

Voorbeeld

  • Je hond springt tegen mensen op, en dat wil je niet.
  • Je wilt graag dat hij met vier voeten op de vloer blijft.
  • Geen aandacht geven: het springen. Want onthoud: alles wat aandacht krijgt, groeit!
  • Wél aandacht geven: het met vier voeten op de vloer staan.
  • Benoem en beloon het gewenste gedrag: ‘Goed zo, knappe hond! Dát is voetjes op de vloer!’

Tip 3: Zorg voor rust en concentratie.

Zeker in het begin wil je jezelf helemaal kunnen concentreren op het gedrag dat je jouw hond wilt leren, en dat gaat het beste in een omgeving met zo min mogelijk afleiding. Pas als jij en je hond het gewenste gedrag goed in de vingers/pootjes hebben, ga je in andere omgevingen en met meer afleiding oefenen.

Tip 4: Zorg voor een geschikte locatie.

Je hond moet zich fijn voelen op de plek waar je traint. Laat hem in op het terrein of in de ruimte waar je wilt gaan werken eerst eens een bakje met lekkers leegeten, zonder dat je daadwerkelijk met hem aan de slag gaat. Je hond legt de volgende keer dan al snel het verband: hé, hier was het de vorige keer leuk!

Tip 5: Zorg voor een lekkere beloning.

Een beloning moet voor je hond lekker genoeg zijn om voor te werken maar kan, hoe raar dat misschien ook klinkt, soms ook té lekker zijn. Als de hond de beloning zo lekker vindt dat hij er helemaal op gefixeerd raakt, kan dat er voor zorgen dat hij niet meer goed kan nadenken over de gevraagde oefening.

Beloon top-drie

Judith gebruikt verschillende beloningen:

  1. De gewone brokken van Pete. Die vindt hij lekker genoeg om voor te werken!
  2. Blokjes NatureCare worst als megabeloning voor dingen die Pete voor het eerst doet, echt supergoed doet of die hij best moeilijk vindt om te doen.
  3. De Train & Care tube bij oefeningen waarbij je de hond veel moet leiden en sturen, bijvoorbeeld als je de hond een rondje om zijn as wilt leren draaien.

Tip 6: Zet een wekker.

Train kort en krachtig. Vaak trainen we te veel en te lang, en doen we dezelfde oefening te vaak achter elkaar. Boring! Drie minuten is vaak al meer dan genoeg. Zet een (kook)wekker of stel de timer van je mobiel in. Want: time flies when you are having fun!

Tip 7: Geef je hond nadenktijd.

Vaak vragen we dingen te snel achter elkaar, en geven we de hond te weinig tijd om onze ‘input’ te verwerken. Geef je hond de kans te laten zien dat hij snapt wat jij bedoelt en de oefening dus begrijpt. Wacht bijvoorbeeld even met extra aanwijzingen of belonen en kijk of je hond het gevraagde gedrag uit eigen beweging nóg een keer laat zien.

Tip 8: Benoem en beloon.

Benoem en beloon het gedrag dat je graag wilt zien of leren. Je kunt het gewenste gedrag uitlokken of belonen als de hond het uit zichzelf spontaan laat zien. In het geval van ‘zit’ kun je een hond die staat laten zitten door een brokje bij zijn neus te houden en dat iets omhoog en naar achteren te bewegen. Maar je net zo goed een hond die al rustig zit prijzen voor dat gedrag (Goed zo, dát is zit!) zonder dat je hem eerst overeind laat komen.

Tip 9: Kies een beloonwoord.

Zoek een voor jou en je hond prettig klinkend woord waarmee je aangeeft: ja, dát is wat ik bedoel! Dat kan ‘yes’ zijn, of ‘braaf’, of ‘toppie’. Of, zoals in het geval van Judith en Pete: ‘super!’.

Tip 10: Zorg voor een goede timing.

Beloon je hond op het moment dat hij doet wat jij graag wilt zien. Wil je graag dat je hond gaat liggen? Benoem en beloon hem dan terwijl hij ligt. Je krijgt namelijk wat je beloont. Staat je liggende hond op om jouw lof en zijn beloning in ontvangst te nemen? Dan beloon je eigenlijk het staan!

Tip 11: Maak je hondentraining spannend.

Zorg dat je voor je hond de moeite waard bent om op te letten. Verras hem eens met extra veel beloningsbrokjes voor iets wat hij heel goed doet. Fluister je opdracht eens een keer, zodat je hond extra goed moet opletten wat je zegt. Of gebruik de woorden ‘ready… steady… GO!’ om je hond op scherp te zetten. Met het ‘ready… steady…’ voer je de spanning als het ware een beetje op. Laat bijvoorbeeld een speeltje of iets lekkers zien en zeg dan: ‘ready… steady…’ Op ‘GO!’ gooi je dan je speeltje weg, of laat je de hond het lekkers vangen. Dat maakt het allemaal extra leuk om met jou samen te werken.  

Tip 12: Maak samen plezier!

Laat zien dat je blij bent. Buig voorover zodat de hond contact kan maken met je handen of je gezicht, klap in je handen en houd je armen wijd om de hond uit te nodigen bij je te komen. Lach, gebruik enthousiast je stem en swing met je hele lichaam.

Silly walks

Honden houden van actie! Ken je de ‘silly walks’ van de Britse komediegroep Monty Python? Bekijk dit filmpje maar eens! Ga eens 'bouncy' lopen (veer door je knieën), huppelen of skippen (een soort huppel waarbij hetzelfde been voor blijft) met je hond, maak eens een stap of sprong zijwaarts of breng tempovariaties aan, waarbij je heel snel en heel langzaam lopen met elkaar afwisselt. Of doe een 'silly walk' waarbij je de hond tussen je benen met je laat meelopen. Gegarandeerd veel pret en een top hondentraining!